Label

Uit Wikilexis

Betekenis:

  1. Label als entiteit
  2. 'Onder Weconomics label'

Betekenis 1

Entiteit binnen infrastructuur.

Taxonomie

Pallet, onderdeel van container contact


Een label is een verzameling producten, gekoppeld aan een aanbieder. Een aanbieder kan één of meerdere labels hebben om producten aan te bieden. Een label is geen economisch element met een eigen fiscaaljuridische identiteit. Een label neemt, via de gekoppelde organisatie, deel aan het economisch verkeer. Weconomics onderscheidt een aantal type labels:

  1. Intern label: aanbieder en afnemer zijn dezelfde persoon.
  2. Mixed label: aanbieder en afnemer zijn niet dezelfde persoon, maar het label wordt door aanbieder exclusief ‘op de markt’ gebracht voor de afnemer. Een voorbeeld hiervan is een opleidingsinstituut dat een maatwerk of incompany training levert aan een bedrijf. Welke deelnemers dit bedrijf vervolgens toelaat is aan het bedrijf. Maar het label is in ieder geval niet te verkrijgen op de open markt
  3. Extern label: aanbieder en afnemer zijn verschillende personen. Het aanbod van de aanbieder is vrij op de markt te verkrijgen en niet exclusief voor één organisatie.

Betekenis 2 We onderscheiden de volgende labels:

Extern label

  1. non-Weconomist is opdrachtgever en levert projectleider
  2. huurt bijvoorbeeld een Weconomics partner in als projectlid

Mixed label

  1. Weconomics partner is opdrachtgever
  2. samen met Weconomics verantwoordelijk voor programma, delen elkaars netwerk en de out-of-pocket kosten
  3. Weconomics partner of Weconomics levert projectleider
  4. projectleden zijn partner
  5. minimaal 1 projectlid is fellow

Intern label

  1. Weconomics is opdrachtgever en levert projectleider
  2. huurt bijvoorbeeld een non-Weconomist in als projectlid

Weconomics exploitatie Onder Weconomics label wil zeggen dat de aanbieder minimaal

  1. promotor moet zijn voor het organiseren van bijvoorbeeld events, de verkoop van producten en het accountmanagement daarop
  2. fellow moet zijn voor de uitvoering (bijvoorbeeld een adviseur, trainer of projectleider)
  3. domeinleider moet zijn om een domein te leiden
  4. netwerkleider moet zijn om netwerkdiensten aan te bieden
  5. associate moet zijn om beheerdiensten aan rechtspersonen aan te bieden